Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
1.De procedure
- het incidenteel tussenvonnis ex artikel 843a Rv van 27 november 2013
- de akte overlegging nadere stukken van RegioBank
- de akte uitlating nadere stukken van [A]
- de conclusie na deskundigenbericht van RegioBank
- de pleidooizitting van 26 mei 2014 en de ter gelegenheid daarvan overgelegde pleitnotities.
2.De verdere beoordeling van het geschil
voorschotnota van 21 mei 2007. Toen kon er nog geen verbouwing hebben plaatsgevonden. Bovendien ontbreekt op de betreffende nota de handtekening van [B] c.s. De tweede nota dateert van 6 juli 2007, ten bedrage van € 49.788,41, en vermeldt "tweede fase van de verbouwing". De nota is kennelijk niet aan voormeld Aannemingsbedrijf uitbetaald, maar aan een derde, ene [Q], zonder dat er een nota van deze persoon voorhanden was en zonder bewijs van diens betaling van genoemde kosten. De betreffende nota zou ook nog eens "cash" zijn betaald door genoemde [Q], blijkens een handgeschreven aantekening op de nota, hetgeen bij een dergelijk groot bedrag zonder meer vragen had moeten oproepen bij RegioBank. Niet gebruikelijk is immers dat zodanige bedragen in het hedendaagse betalingsverkeer "cash" worden betaald. Kennelijk heeft RegioBank zich er evenmin van vergewist wie genoemde [Q] nu precies was. Deze al met al zeer onzorgvuldige handelwijze van RegioBank kan niet aan [A] worden toegerekend en dient volledig voor rekening en risico van Regio Bank te komen. Het causaal verband tussen de beroepsfout van [A] en de schade ontbreekt derhalve ook hier.
zelfheeft geleden, doordat haar moedermaatschappij SNS Bank - die genoemde kosten kennelijk heeft gemaakt (zie paragraaf 5.42 - 5.44 van de conclusie van repliek) - bij haar in rekening heeft gebracht. Evenmin is gebleken dat SNS Bank RegioBank heeft gevolmachtigd om onderhavige vordering op eigen naam te innen.