Uitspraak
uitspraak van de meervoudige kamer van 11 februari 2025 in de zaak tussen
[naam 1], uit [plaats 1], eiser
de minister van Infrastructuur en Waterstaat, de minister
Inleiding
Beoordeling door de rechtbank
Naar het oordeel van de rechtbank heeft de minister zich in redelijkheid op het standpunt kunnen stellen dat er geen omstandigheden zijn op grond waarvan verjaring eiser niet kan worden tegengeworpen. Dit betekent dat het verzoek terecht op grond van verjaring is afgewezen.