Eisers hebben een beroep ingesteld tegen het besluit van de minister van Infrastructuur en Waterstaat waarin hun verzoek om vergoeding van planschade en nadeelcompensatie werd afgewezen, met name de vergoeding van taxatiekosten. Het Tracébesluit N18 leidde tot waardevermindering van hun onroerend goed en tijdelijke hinder door uitvoeringswerkzaamheden. De minister kende een tegemoetkoming in planschade, nadeelcompensatie en vergoeding juridische kosten toe, maar weigerde vergoeding van taxatiekosten.
De rechtbank oordeelt dat de minister de waarde van het object op € 500.000,- in redelijkheid aan het besluit ten grondslag heeft gelegd. Eisers konden echter redelijkerwijs deskundige bijstand inschakelen voor de taxatie, waardoor de gemaakte taxatiekosten van € 1.000,- vergoed moeten worden. De overige vergoedingen blijven ongewijzigd. Daarnaast kent de rechtbank proceskostenvergoedingen toe voor de bezwaarfase en het beroep.
Het beroep wordt gegrond verklaard, het bestreden besluit wordt vernietigd voor zover het de weigering van vergoeding van taxatiekosten betreft, en het primaire besluit wordt herroepen in dat onderdeel. De minister wordt veroordeeld tot betaling van de vergoeding en proceskosten.