ECLI:NL:RBOBR:2014:3185
Rechtbank Oost-Brabant
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Ontslag wegens onbevoegd optreden en vervalsing hovj-certificaten ondanks PTSS
Eiser was sinds 2003 werkzaam bij de politie Brabant-Noord en heeft tussen 2005 en 2010 circa 1.500 keer onbevoegd ambtshandelingen als hulpofficier van justitie verricht. Tevens vervalste hij tweemaal hovj-certificaten om zijn bevoegdheid te maskeren. Deze gedragingen leidden tot een strafrechtelijke veroordeling wegens valsheid in geschrifte.
De rechtbank stelde vast dat eiser verminderd toerekeningsvatbaar was vanwege PTSS, maar niet volledig ontoerekeningsvatbaar. Hij was zich bewust van de ongeoorloofdheid van zijn handelen en handelde uit paniek en schaamte. Het ontbreken van een juiste administratie binnen de politie ontsloeg hem niet van zijn verantwoordelijkheid.
Eiser voerde aan dat vergelijkbare gevallen minder zwaar werden bestraft, maar de rechtbank oordeelde dat die gevallen niet vergelijkbaar waren vanwege het vervalsen van certificaten en de eigen bevoegdheid van korpschefs. De opgelegde straf van onvoorwaardelijk ontslag werd als proportioneel beoordeeld, waarbij het belang van een integere politieorganisatie zwaarder woog dan het dienstverband van eiser.
Het beroep van eiser werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van eiser tegen het onvoorwaardelijk ontslag wordt ongegrond verklaard.