Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
1.Het verloop van het geding
2.De feiten
3.Het geschil
4.De beoordeling
bvermelde zaak- en rekestnummer is de arbeidsovereenkomst tussen partijen ontbonden per 15 augustus 2015. Indien en voor zover [werknemer] al gevolgd zou moeten worden in zijn stelling, dat onvoldoende gronden voor de non-actiefstelling aanwezig waren, is het, gelet op het einde van de arbeidsovereenkomst op 15 augustus 2015, niet opportuun, ook niet bij wijze van voorlopige maatregel, [werknemer] gedurende een periode van slechts vijftien dagen toe te laten tot de bedongen werkzaamheden. Daarbij wordt in aanmerking genomen, dat op de datum van dit vonnis de non-actiefstelling al meer dan twee maanden heeft geduurd.