ECLI:NL:RBOBR:2019:1079
Rechtbank Oost-Brabant
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling WOZ-waarde agrarisch gemengd bedrijf met varkenshouderij
Eiser betwist de door verweerder vastgestelde WOZ-waarde van het agrarisch object per 1 januari 2016, stellende dat de waarde te hoog is en pleit voor een lagere waardering op basis van een alternatieve berekeningswijze voor varkenshouderijen.
Verweerder heeft het object gewaardeerd als een gemengd agrarisch bedrijf met veeteelt, akkerbouw en boomteelt, gebruikmakend van landelijke taxatiewijzers en rekening houdend met correcties voor de economische situatie in de varkenssector. De rechtbank stelt vast dat de gewijzigde objectkenmerken door eiser niet zijn betwist.
De rechtbank volgt verweerder in de kwalificatie als gemengd bedrijf en oordeelt dat de alternatieve berekeningswijze voor varkenshouderijen niet passend is omdat deze leidt tot een onderwaardering. Verweerder heeft de verschillende onderdelen afzonderlijk gewaardeerd met passende correcties.
De rechtbank concludeert dat verweerder de bewijslast heeft voldaan en dat de vastgestelde waarde van €1.000.000 niet te hoog is. Het beroep wordt ongegrond verklaard en een proceskostenveroordeling wordt niet opgelegd.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en handhaaft de WOZ-waarde van het agrarisch object op €1.000.000.