ECLI:NL:RBOBR:2019:1080
Rechtbank Oost-Brabant
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling WOZ-waarde agrarisch object als gemengd bedrijf versus varkenshouderij
Eiser betwist de vastgestelde WOZ-waarde van zijn agrarisch object per 1 januari 2016 en stelt dat het object als varkenshouderij moet worden gewaardeerd volgens een alternatieve berekeningswijze uit de taxatiewijzer. Verweerder heeft de waarde vastgesteld op basis van een gemengd bedrijf, waarbij rekening is gehouden met verschillende gebruiksmogelijkheden en een correctie voor de crisis in de varkenssector.
De rechtbank stelt vast dat het agrarisch object kwalificeert als gemengd bedrijf vanwege de aanwezigheid van varkensstallen, ligboxenstal en akkerbouwgrond, en de verleende milieuvergunning voor melkvee en jongvee. De alternatieve berekeningswijze voor varkenshouderijen is daarom niet van toepassing omdat deze onvoldoende recht doet aan de bredere gebruiksmogelijkheden.
Verweerder heeft de waardering gebaseerd op landelijke taxatiewijzers en een taxatierapport van een deskundige, waarbij rekening is gehouden met ouderdom, grootte, onderhoudstoestand en economische omstandigheden. De rechtbank acht de door verweerder verdedigde waarde aannemelijk en verklaart het beroep ongegrond.
Uitkomst: Het beroep tegen de vastgestelde WOZ-waarde van het agrarisch object wordt ongegrond verklaard.