Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
uitspraak van de meervoudige kamer van 21 december 2020 in de zaak tussen
Procesverloop
.
Overwegingen
Het bestreden besluit I (zaaknummer 20/7)
Het bestreden besluit II (zaaknummer 20/1344)
“Wij zijn van mening dat u vanaf 1 januari 2019 recht heeft op een WW-uitkering op basis van uw dienstverbanden bij [bedrijf] (24 uur) en [bedrijf] (8 uur). Uw dagloon is vastgesteld op € 1.424,50. Uw dagloon wordt berekend naar het loon dat u tot 1 januari 2019 in beide dienstbetrekkingen heeft verdiend. Uw maandloon is vastgesteld op € 4.660,59 omdat het dagloon van de WW aan een maximum (€ 214,28) gebonden is. Wij zijn van mening dat uw pensioeninkomsten moeten worden gekort op uw uitkering. Omdat deze inkomsten hoger zijn dan uw maandloon komt uw WW-uitkering niet tot uitbetaling.”