Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
uitspraak van de meervoudige kamer van 8 oktober 2021 in de zaak tussen
[eiser] , te [woonplaats] , eiser,
de heffingsambtenaar van de gemeente 's-Hertogenbosch, de heffingsambtenaar
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- verklaart het beroep gegrond voor zover dat is gericht tegen de bij de bestreden uitspraak gehandhaafde aanslagen voor de kalenderjaren 2016 en 2017;
- vernietigt de bestreden uitspraak in zoverre;
- stelt de waarde van [adres] te ’s-Hertogenbosch per waardepeildatum 1 januari 2015, voor het kalenderjaar 2016, en per waardepeildatum 1 januari 2016, voor het kalenderjaar 2017, telkens vast op € 450.000 en vermindert de daarop gebaseerde aanslagen OZB dienovereenkomstig;
- bepaalt dat deze uitspraak in de plaats treedt van het vernietigde gedeelte van de bestreden uitspraak;
- verklaart het beroep voor het overige ongegrond;
- bepaalt dat de heffingsambtenaar aan eiser het betaalde griffierecht van € 48 vergoedt.