Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
[verdachte] ,
De tenlastelegging.
terwijl het feit de dood ten gevolge heeft gehad;
terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;
terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;
“opzettelijk”en
“, meerdere malen”de zinsnede
“zwaar lichamelijk letsel toe te brengen, door”abusievelijk weggevallen. De rechtbank herstelt deze omissie en leest deze zinsnede zoals hiervoor is uitgewerkt. Zoals volgt uit wat is besproken ter terechtzitting en in het licht van de hierna te nemen beslissing met betrekking tot feit 3 is de verdachte daardoor niet in de verdediging geschaad.
De formele voorvragen.
De bewijsvraag.
Ten aanzien van feit 1.
Ten aanzien van feit 2.
Ten aanzien van feit 3.
Voorwaardelijke verzoek raadsman.
fishing expedition,oftewel een algemene, niet-specifieke zoektocht naar informatie, temeer omdat uit de inhoud van het dossier geenszins de suggestie kan worden afgeleid dat anderen op enigerlei wijze betrokkene zijn geweest bij wat jegens de verdachte is bewezen verklaard.
De bewezenverklaring.
De strafbaarheid van de feiten.
De strafbaarheid van de verdachte.
Oplegging van straf en maatregel.
- een gevangenisstraf voor de duur van 14 jaren met aftrek van de tijd die de verdachte in voorarrest heeft doorgebracht;
- een gedragsbeïnvloedende en vrijheidsbeperkende maatregel als bedoeld in artikel 38z van het Wetboek van Strafrecht (Sr).
De op te leggen straf.
De op te leggen maatregel.
- uitvaartkosten: € 2.299,50;
- kosten grafsteen: € 4.200,-;
- kosten eigen bijdrage: € 385,-;
- reiskosten: € 39,93;
- toekomstige schade: € 5.000,-;
immateriële schade (subtotaal: € 45.000,-):
- affectieschade: € 20.000,-;
- schokschade: € 25.000,-.
hyperarrousal) en vermijdingsgedrag. Door de deskundige is als primaire diagnose bij de benadeelde partij een posttraumatische stressstoornis vastgesteld. Gelet daarop kan de benadeelde partij aanspraak maken op vergoeding van de gevorderde schokschade.
De motivering met betrekking tot het beslag.
Toepasselijke wetsartikelen.
De uitspraak.
straf:
* een gevangenisstraf voor de duur van 10 jaren;
maatregelen:
gedragsbeïnvloedende en vrijheidsbeperkende maatregelals bedoeld in artikel 38z van het Wetboek van Strafrecht;
maatregel van schadevergoedingvan
€ 51.924,43, te vervangen door
291 dagen gijzeling;
niet-ontvankelijkin de vordering;
- een Belgisch paspoort op naam van de verdachte (IBN-code/voorwerpnummer [nummer 2] );
- een reisdocument op naam van de verdachte met betrekking tot een vlucht van 26 augustus 2022 (IBN-code/voorwerpnummer [nummer 3] );
- aangelengde melk van flesvoeding ( [nummer 4] );
- een textiele handdoek (goednummer [nummer 5] );
- een luier [uitgedaan door ambulancemedewerkers] (goednummer [nummer 6] );
- de voorlaatste luier voor het slapen gaan (goednummer [nummer 7] );
- een flessenspeen (goednummer [nummer 8] );
- een grijs hoeslaken van het kinderbedje (goednummer [nummer 9] ).