Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
uitspraak van de meervoudige kamer van 23 december 2025 in de zaak tussen
[eiser] , uit [vestigingsplaats] , [eiser] , uit [vestigingsplaats] ,
[naam], uit [vestigingsplaats] (derde-partij)
Samenvatting
Procesverloop
- de evenementen in 2025 mogen maximaal 15 wedstrijddagen in de maanden juli tot en met september omvatten;
- er mogen in het kader van de evenementen in 2025 maximaal 512 paarden worden gehouden op de percelen [adres] gedurende 75 evenementdagen;
- er mogen geen nieuwe stallen worden gebouwd op de percelen [adres] .
Beoordeling door de rechtbank
- Op 30 oktober 1990 heeft het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Valkenswaard (B&W) een revisievergunning verleend op grond van de Hinderwet voor een fokvarkens- en paardenhouderij aan de [adres] . Op 1 maart 2005 is voor deze inrichting een revisievergunning verleend op grond van de Wet milieubeheer (Wm). Op 6 augustus 2015 heeft B&W de milieuvergunning voor de inrichting aan de [adres] gedeeltelijk ingetrokken. De inrichting viel tot 1 januari 2024 onder de werking van het op die datum vervallen Activiteitenbesluit milieubeheer. De milieuvergunning is per die datum gelijkgesteld met een omgevingsvergunning beperkte milieutoets als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid onder i, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo).
- Op 22 december 1992 is een milieuvergunning verleend voor een paardenhouderij aan de [adres] en op 31 mei 1994 een veranderingsvergunning. Op 5 september 2000 is een revisievergunning op grond van de Wm voor deze inrichting verleend. Deze vergunning is nadien nog gewijzigd. De milieuvergunning is per 1 januari 2024 gelijkgesteld met een omgevingsvergunning beperkte milieutoets als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid onder i, van de Wabo.
- Voor beide locaties zijn géén vergunningen op grond van de Natuurbeschermingswet 1998 of de Wet natuurbescherming verleend.
- In de nabijheid van beide locaties ligt onder meer het Natura 2000-gebied "Leenderbos, Groote Heide & De Plateaux". Dit gebied is gelegen op een afstand van circa 1.000 m ten oosten en circa 400 m ten noordwesten van de percelen aan de [adres] . Het gebied is aangewezen als Vogelrichtlijn- en Habitatrichtlijngebied. De natuurdoelanalyse van 27 januari 2023 voor dit gebied concludeert dat de instandhouding van alle habitats onder druk staat en dat verslechtering niet is uitgesloten.
- Op 25 mei 2023 heeft de raad van de gemeente Valkenswaard het bestemmingsplan " [naam] " gewijzigd vastgesteld, mede ten behoeve van de ontwikkeling van een verblijfsaccommodatie aan de [adres] . De in dit besluit vastgestelde bestemming is geschorst door de Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (Afdeling) op 17 januari 2024
- De derde-partij heeft op 24 april 2023 een aanvraag ingediend voor het wijzigen van haar paardenhouderij aan de [adres] . Het college heeft deze omgevingsvergunning geweigerd met het besluit van 15 april 2024 omdat niet uitgesloten is dat de aangevraagde activiteit, gelet op de instandhoudingsdoelstellingen, significante gevolgen kan hebben voor Natura 2000-gebieden. De derde-partij heeft hiertegen beroep ingesteld. Dit beroep is geregistreerd onder nummer SHE 24/2325.
- Ondertussen heeft de derde-partij op 10 juni 2024 een nieuwe aanvraag ingediend voor een omgevingsvergunning voor een Natura 2000-activiteit (een natuurvergunning) ten behoeve van een project dat zowel de percelen aan de [adres] als [adres] omvat. Op [adres] wordt de varkenshouderij beëindigd. In de voormalige varkensstallen worden 23 volwassen paarden en 72 opfokpaarden gehouden. Er wordt tevens een stapmolen geplaatst. Op [adres] worden ook paarden gehouden. Daarnaast worden gedurende 75 dagen per jaar evenementen georganiseerd, één groot evenement en vier kleine evenementen, gedurende de zomermaanden (juli tot en met september). Bij deze evenementen worden 512 paardenstallen tijdelijk benut. Tussen deze evenementen wordt 50 procent van deze stallen benut.
- De derde-partij organiseert al jaren evenementen in het outdoorseizoen. Hiertoe worden sinds 2015 ook paarden tijdelijk gehuisvest in de oude stallen op perceel [adres] .
- De derde-partij heeft desgevraagd ter zitting van de voorzieningenrechter aangegeven dat de stallen C, D, E en G op het perceel [adres] zijn gebouwd evenals de tijdelijke stallen S1 en S2 en dat in de voormalige varkensstallen op de [adres] alleen tijdens evenementen paarden worden gehouden (dus niet jaarrond).
- Op 10 oktober 2024 heeft het college afwijzend beslist op een op 2 oktober 2023 ingediend verzoek om handhaving en preventieve handhaving van artikel 2.7, tweede lid van de Wet natuurbescherming. Hiertegen hebben eisers bezwaar gemaakt, dat ter behandeling als rechtstreeks beroep aan de rechtbank is doorgezonden. Dit beroep is geregistreerd onder nummer SHE 25/699.
- Op 18 december 2023 verzochten eisers B&W om intrekking van de omgevingsvergunning beperkte milieutoets voor de [adres] omdat er meer dan drie jaar geen dieren zijn gehouden. Dit verzoek is afgewezen op 3 september 2024. Het hiertegen door eisers gemaakte bezwaar is ter behandeling als rechtstreeks beroep aan de rechtbank doorgezonden. Dit beroep is geregistreerd onder nummer SHE 25/786.
- Het ontwerpbesluit tot verlening van de aangevraagde natuurvergunning heeft van 30 september tot en met 11 november 2024 ter inzage gelegen. Eisers hebben ten aanzien van het ontwerpbesluit een zienswijze ingediend. Dit heeft het college geen aanleiding gegeven tot wijziging van het voorgenomen besluit.
De aanvraag heeft betrekking op de wijziging van een paardenhouderij. Op [adres] wordt de varkenshouderij beëindigd. In de voormalige varkensstallen worden 23 volwassen paarden en 72 opfokpaarden gehouden. Er wordt tevens een stapmolen geplaatst. Op [adres] zijn de activiteiten tweeledig. Enerzijds is er de reguliere bedrijfsvoering en anderzijds de evenementen. De evenementen vinden plaats in het outdoor seizoen. In de paardensport loopt dit outdoor seizoen van april tot oktober. Er vindt maximaal 1 keer per jaar een groot evenement plaats en maximaal 4 keer per jaar een klein evenement. Een uitgebreide projectomschrijving is opgenomen in de aanvraag.”
Conclusie en gevolgen
- Kan met het saldo van de milieutoestemming voor de locatie aan de [adres] worden gesaldeerd?
- Is sprake van intern of extern salderen?
- Moet intrekking van de milieutoestemming voor de locatie aan de [adres] als passende maatregel als bedoeld in artikel 6, tweede lid, van de Habitatrichtlijn of als maatregel als bedoeld in artikel 6, eerste lid, van de Habitatrichtlijn worden ingezet (wordt voldaan aan het additionaliteitsvereiste)?
- de evenementen in 2026 mogen maximaal 15 wedstrijddagen in de maanden juli tot en met september omvatten;
- er mogen geen nieuwe stallen worden gebouwd op de percelen [adres] ;
- er mogen geen paarden worden gehouden in stallen op het perceel [adres] .
Beslissing
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt het besluit van 17 december 2024;
- draagt het college op een nieuw besluit te nemen op de aanvraag van de derde-partij met inachtneming van deze uitspraak, uiterlijk op 31 december 2026;
- bepaalt bij wijze van voorlopige voorziening dat de in het vernietigde bestreden besluit verleende omgevingsvergunning van kracht blijft onder de volgende voorwaarden en beperkingen:
- in de maanden juli tot en met september van 2026 mogen de evenementen maximaal 15 wedstrijddagen omvatten;
- er mogen geen nieuwe stallen worden gebouwd op de percelen [adres] ;
- er mogen geen paarden worden gehouden in stallen op het perceel [adres] ;
- bepaalt dat deze voorlopige voorziening van rechtswege vervalt als niet wordt voldaan aan een of meer van deze voorwaarden, dat de voorlopige voorziening vervalt zodra het college een nieuw besluit heeft genomen en dat de voorlopige voorziening in ieder geval vervalt per 1 januari 2027;
- bepaalt dat het college het griffierecht van € 385,- aan eisers moet vergoeden.