ECLI:NL:RBOVE:2016:4980
Rechtbank Overijssel
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing ontbindingsverzoek wegens onvoldoende verbetertraject bij disfunctioneren werknemer
De werkgever Eno verzocht de ontbinding van de arbeidsovereenkomst met de werknemer op grond van disfunctioneren (de d-grond). De werknemer was sinds 1992 in dienst en vervulde een functie die in 2015 werd aangepast met hogere eisen. Na een assessment bleek dat de werknemer zich moest ontwikkelen en coaching nodig had.
Er volgden gesprekken, een officiële waarschuwing en een beoordelingsgesprek waarin het functioneren als matig werd beoordeeld. De werknemer meldde zich ziek in februari 2016 en was vanaf juli 2016 weer volledig hersteld. In september 2016 sprak de werkgever de intentie uit de arbeidsovereenkomst te beëindigen wegens onvoldoende ontwikkeling. De werknemer betwistte het disfunctioneren en stelde onder meer uitstel van ontbinding te vorderen.
De kantonrechter overwoog dat hoewel de werknemer kritiek op zijn functioneren moest begrijpen, de werkgever niet voldeed aan de wettelijke vereisten voor een verbetertraject. Er ontbrak een concreet en toetsbaar plan van aanpak met duidelijke verbeterpunten, begeleiding en tussentijdse evaluaties. Het verbetertraject beperkte zich tot gesprekken en feedback, zonder externe coaching of training. Gezien het lange dienstverband had de werkgever een zwaardere inspanningsverplichting. Daarom was er geen redelijke grond voor ontbinding en werd het verzoek afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst wordt afgewezen wegens het ontbreken van een concreet en toetsbaar verbetertraject.