ECLI:NL:RBOVE:2017:721
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Verplichting tot eisen van kinderalimentatie in kader Participatiewet bevestigd
Eiseres was gehuwd geweest met haar ex-partner en heeft samen met hem een zoon. Na haar aanvraag van een bijstandsuitkering als alleenstaande ouder heeft verweerder een onderzoek gedaan naar de mogelijkheid om kinderalimentatie te eisen. Verweerder legde op grond van artikel 55 van Pro de Participatiewet (PW) aan eiseres de verplichting op om alimentatie te eisen van haar ex-partner.
Eiseres betoogde dat de gewijzigde regeling van de PW per 1 januari 2015 geen grond biedt voor deze verplichting en dat het besluit inbreuk maakt op de privacy en de relatie met haar ex-partner schaadt. Zij verwees naar jurisprudentie waarin werd gesteld dat de bijstand voor alleenstaande ouders niet langer mede ten behoeve van minderjarige kinderen is.
De rechtbank verwees naar een arrest van de Hoge Raad waarin werd bevestigd dat de bijstand ook na 1 januari 2015 mede ten behoeve van minderjarige kinderen wordt verstrekt en dat het verhaal op onderhoudsplichtigen blijft bestaan. Daarom is het opleggen van de verplichting tot het eisen van kinderalimentatie gerechtvaardigd. De rechtbank achtte de privacy-inbreuk gerechtvaardigd en vond de belangen van de gemeenschap zwaarder wegen dan de persoonlijke bezwaren van eiseres.
Het beroep van eiseres werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Centrale Raad van Beroep.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de verplichting tot het eisen van kinderalimentatie.