ECLI:NL:RBOVE:2021:2618
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bestuurlijke boete opgelegd wegens arbeidsongeval met heftruck door onvoldoende risico-inventarisatie
Op 15 juli 2019 vond in het magazijn van eiseres een arbeidsongeval plaats waarbij een werknemer zijn rechterduim beknelde tussen een houten pallet en een kunststof blokpallet tijdens het overpakken met een heftruck. De heftruckchauffeur had geen zicht op de situatie achter de bigbag die op de lepels rustte. Verweerder legde op grond van de Arbowet een bestuurlijke boete van €8.100,- op wegens overtreding van artikel 7.4 van het Arbobesluit.
Eiseres voerde aan dat het ongeval niet haar verwijt was, dat het slachtoffer volledig hersteld was en dat de boete buitenproportioneel was gezien de impact op haar bedrijf en de Covid-19 crisis. Verweerder stelde dat eiseres onvoldoende had aangetoond dat zij de risico’s van de werkzaamheden had geïnventariseerd en dat zij geen adequate instructies en toezicht had geboden.
De rechtbank oordeelde dat de overtreding vaststond en dat eiseres niet aannemelijk had gemaakt dat zij alles had gedaan om het ongeval te voorkomen. Het blijvend letsel werd erkend als het verlies van het topje van de duim. De boete was berekend volgens de Beleidsregel en was proportioneel, mede gezien de ernst van het letsel en de omvang van het bedrijf. Inspanningen na het ongeval waren onvoldoende om matiging te rechtvaardigen. Het beroep van eiseres werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de bestuurlijke boete van €8.100,- wegens overtreding van de Arbobesluit-veiligheidsvoorschriften.