ECLI:NL:RBOVE:2022:1943
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging last onder dwangsom wegens onvoldoende duidelijke formulering voorschrift schoonhouden inrichting
Eisers exploiteren een landbouwbedrijf waarvoor een omgevingsvergunning is verleend met het voorschrift dat de inrichting schoon en in goede staat van onderhoud moet worden gehouden. Verweerder legde een last onder dwangsom op wegens overtreding van dit voorschrift. Eisers betwistten de duidelijkheid van dit voorschrift en de last onder dwangsom.
De rechtbank oordeelde dat het voorschrift in rechte onaantastbaar en afdwingbaar is, en dat verweerder bevoegd was om handhavend op te treden. Echter is onderdeel 4 van de last onder dwangsom onvoldoende concreet en duidelijk geformuleerd, waardoor het rechtszekerheidsbeginsel wordt geschonden. De open norm is onvoldoende uitgewerkt, waardoor interpretatieproblemen en willekeur kunnen ontstaan.
Daarom vernietigt de rechtbank het bestreden besluit voor zover het onderdeel 4 van de last onder dwangsom in stand laat, herroept het dwangsombesluit en het invorderingsbesluit voor dit onderdeel en veroordeelt verweerder tot vergoeding van griffierecht en proceskosten aan eisers. De overige onderdelen van de last onder dwangsom blijven buiten beschouwing.
Uitkomst: Het onderdeel 4 van de last onder dwangsom wordt vernietigd wegens onvoldoende duidelijke formulering, waardoor de invordering van de dwangsom niet in stand kan blijven.