Uitspraak
FORFARMERS B.V.,
1.De procedure
- de mondelinge behandeling van 6 februari 2023, waarbij partijen zijn verschenen en waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt.
Rechtbank Overijssel
Werknemer was ruim 12 jaar in dienst en raakte begin 2018 arbeidsongeschikt door een val. Na gedeeltelijke re-integratie sloten partijen in november 2018 een vaststellingsovereenkomst waarin werknemer verklaarde arbeidsgeschikt te zijn. Na einde dienstverband meldde werknemer zich opnieuw ziek en vroeg een Ziektewet-uitkering aan, die door het UWV werd geweigerd omdat werknemer doorlopend ziek zou zijn geweest en afstand had gedaan van rechten door de vaststellingsovereenkomst.
Werknemer stelde dat werkgever tekort was geschoten in de re-integratie en druk had uitgeoefend om de overeenkomst te tekenen, en dat zij had gedwaald over haar arbeidsongeschiktheid. De kantonrechter oordeelde dat werknemer tijdens de onderhandelingen werd bijgestaan door een gespecialiseerde jurist en dat er geen bewijs was van ongeoorloofde druk. Het re-integratietraject was verlaten toen de vaststellingsovereenkomst werd gesloten.
De kantonrechter vond dat werkgever mocht vertrouwen op de kennis van werknemer over de overeenkomst en dat er geen sprake was van dwaling of misbruik van omstandigheden. Ook het verwijt van slecht werkgeverschap werd verworpen. De vorderingen tot gedeeltelijke vernietiging en schadevergoeding werden afgewezen en werknemer werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vorderingen van de werknemer tot vernietiging van de vaststellingsovereenkomst en schadevergoeding worden afgewezen.