Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
Achmea”,
[gedaagde]”,
1.Samenvatting van het geschil tot nu toe
2.De beoordeling
Standpunt [gedaagde]
- Griffierecht: € 1.666,00
- Totaal: € 9.186,00
Rechtbank Overijssel
In deze civiele zaak vordert Achmea schadevergoeding wegens een vermeende zorgplichtschending door gedaagde bij het vellen van een Canadese populier. De boom viel verkeerd en veroorzaakte schade aan opstallen van A. De rechtbank stelde vast dat de gebruikte velmethode een verhoogd risico inhield en dat gedaagde alleen mocht overgaan tot deze methode indien hij A had gewaarschuwd en A desondanks had aangedrongen.
Gedaagde leverde tegenbewijs door te stellen en te onderbouwen dat hij A wel had gewaarschuwd voor de risico’s en dat A op de methode had aangedrongen. De verklaringen van gedaagde en zijn broer waren consistent en toonden aan dat gedaagde meerdere malen waarschuwde en alternatieven voorstelde die A weigerde.
Achmea voerde aan dat de verklaringen van gedaagde en zijn broer als partijgetuigenverklaringen beperkte bewijskracht hadden en dat de verklaringen van A en zijn vader niet strookten met die van gedaagde. De rechtbank oordeelde echter dat de tegenstrijdigheden in de verklaringen van A en zijn vader de geloofwaardigheid van hun stellingen ondermijnden.
De rechtbank concludeerde dat het bewijsvermoeden dat gedaagde niet had gewaarschuwd en dat A niet had aangedrongen, door gedaagde was ontzenuwd. Hierdoor is niet komen vast te staan dat gedaagde zijn zorgplicht heeft geschonden. De vorderingen van Achmea worden daarom afgewezen en Achmea wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vorderingen van Achmea af wegens onvoldoende bewijs van zorgplichtschending door gedaagde.