ECLI:NL:RBOVE:2023:1789
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling beroep tegen besluit op bezwaar Wob-verzoek inzake incassoprocedure gemeente Enschede
Eiser heeft bij verweerder een Wob-verzoek ingediend voor openbaarmaking van documenten over een incassoprocedure tussen de gemeente Enschede en een incassobedrijf. Na een besluit op bezwaar van 22 juni 2022, dat eiser betwistte, trok verweerder dit besluit in en nam een nieuw besluit op bezwaar van 23 december 2022. De rechtbank toetst dit nieuwe besluit aan de Wet open overheid (Woo), die sinds 1 mei 2022 de Wob vervangt.
De rechtbank oordeelt dat het beroep tegen het besluit van 22 juni 2022 niet-ontvankelijk is omdat dit besluit is ingetrokken. Het beroep tegen het nieuwe besluit van 23 december 2022 wordt inhoudelijk behandeld. Eiser stelt onder meer dat documenten ontbreken en dat er sprake is van belangenverstrengeling bij de ambtenaar die het bezwaar behandelde. De rechtbank vindt echter geen bewijs voor belangenverstrengeling en stelt vast dat de ambtenaar niet betrokken was bij de incassoprocedure.
Verder is vastgesteld dat verweerder geen toegang meer heeft tot bepaalde digitale portals en dossiers, waardoor documenten over een bepaalde periode niet beschikbaar zijn. De rechtbank acht de verklaringen van verweerder hierover geloofwaardig en oordeelt dat eiser onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat er nog relevante documenten zijn achtergehouden.
De rechtbank verklaart het beroep tegen het besluit van 23 december 2022 ongegrond en veroordeelt verweerder in de proceskosten van eiser, vastgesteld op €1.674,-. De uitspraak is gedaan door de meervoudige kamer van de rechtbank Overijssel op 17 mei 2023.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit van 22 juni 2022 is niet-ontvankelijk verklaard, het beroep tegen het besluit van 23 december 2022 ongegrond, en verweerder is veroordeeld in de proceskosten van eiser.