ECLI:NL:RBOVE:2025:1382
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling beëindiging Ziektewet-uitkering na zorgvuldigheidsonderzoek en expertise
Eiser betwist de beëindiging van zijn Ziektewet-uitkering per 7 oktober 2022 door het UWV. De rechtbank beoordeelt of het UWV de uitkering terecht heeft beëindigd op grond van de vastgestelde arbeidsgeschiktheid van meer dan 65%.
De verzekeringsarts bezwaar en beroep heeft tijdens de bezwaarprocedure geen fysiek onderzoek verricht, wat volgens de rechtbank onvoldoende is gemotiveerd. De rechtbank stelt dat een spreekuurcontact met een verzekeringsarts in de bezwaarfase in principe noodzakelijk is, tenzij dit gemotiveerd achterwege kan blijven. Het ontbreken van een expertise en het niet verstrekken van nadere medische informatie door eiser waren aanleiding geweest voor een spreekuur. Daarom is het beroep gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd.
Echter, het UWV heeft tijdens de beroepsprocedure alsnog een expertise laten uitvoeren, waarbij een neuroloog eiser heeft onderzocht en alle medische informatie heeft meegewogen. De rechtbank oordeelt dat dit verzekeringsgeneeskundig onderzoek voldoende zorgvuldig is geweest en dat de vastgestelde belastbaarheid van eiser op 7 oktober 2022 met de FML van 16 augustus 2022 goed is onderbouwd.
De arbeidsdeskundige heeft passende functies geselecteerd die eiser kan vervullen, wat een arbeidsgeschiktheid van 71,34% rechtvaardigt. De rechtbank laat daarom de rechtsgevolgen van het bestreden besluit in stand en veroordeelt het UWV tot vergoeding van griffierecht en proceskosten aan eiser.
Uitkomst: Het beroep is gegrond verklaard en het besluit vernietigd, maar de rechtsgevolgen blijven in stand omdat het UWV de zorgvuldigheid heeft hersteld met een expertise.