Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
.Eiser krijgt dus geen gelijk en het beroep is ongegrond. Hierna legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit heeft.
Rechtbank Overijssel
Eiser heeft beroep ingesteld tegen de weigering van de korpschef om hem een jachtakte te verlenen, welke weigering door de minister in stand is gehouden. De aanvraag betrof een jachtakte voor 2023-2024, ingediend vóór de inwerkingtreding van de Omgevingswet, waardoor de oude Wet natuurbescherming (Wnb) van toepassing bleef.
De politie constateerde tijdens controles dat eiser zijn wapens en munitie niet gescheiden had opgeborgen en dat hij munitie bezat die niet op zijn jachtakte stond vermeld. Eiser betwistte deze bevindingen, maar kon geen overtuigend tegenbewijs leveren. De rechtbank achtte de processen-verbaal en het mutatierapport, ondanks het ontbreken van handtekeningen, betrouwbaar en voldoende onderbouwd.
De rechtbank oordeelde dat de minister terecht heeft geoordeeld dat er grond is om aan te nemen dat eiser misbruik zal maken van de bevoegdheden die een jachtakte verleent, en dat hij daardoor een gevaar kan vormen voor zichzelf, de openbare orde of de veiligheid. De rechtbank verwierp ook de stelling van leeftijdsdiscriminatie en ongeoorloofde druk door de politie. Het beroep is ongegrond verklaard, en eiser krijgt geen terugbetaling van griffierecht of proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep tegen de weigering van de jachtakte is ongegrond verklaard en de weigering blijft in stand.