ECLI:NL:RBOVE:2025:6031
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bevestiging loonsanctie wegens onvoldoende re-integratie-inspanningen werkgever
Eiseres betwistte de door het UWV opgelegde loonsanctie die de loondoorbetalingsperiode aan een ex-werknemer tijdens ziekte verlengde met een jaar. De rechtbank beoordeelde of de re-integratie-inspanningen van eiseres voldoende waren en of er een deugdelijke grond was voor eventuele tekortkomingen.
De rechtbank stelde vast dat het arbeidsconflict tussen eiseres en ex-werknemer leidde tot een vertraagde inzet van het tweede spoor re-integratietraject, dat pas ruim na de eerstejaarsevaluatie werd gestart. Tevens was er onvoldoende bijstelling van de probleemanalyse, het plan van aanpak en monitoring van belastbaarheid. De mediation ontsloeg eiseres niet van haar verplichtingen.
De rechtbank volgde het UWV in de conclusie dat eiseres onvoldoende re-integratie-inspanningen had verricht zonder deugdelijke grond. De loonsanctie werd daarom terecht opgelegd en het beroep ongegrond verklaard. Eiseres kreeg geen vergoeding van proceskosten en het griffierecht bleef voor haar rekening.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de loonsanctie is ongegrond verklaard en de loonsanctie blijft in stand.