ECLI:NL:RBROT:2007:BA8339
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke toetsing last onder dwangsom wegens overtreding artikel 82 Wtk 1992 door Coöperatie Cocondo U.A.
Coöperatie Cocondo U.A. werd door De Nederlandsche Bank (verweerster) een last onder dwangsom opgelegd wegens overtreding van artikel 82, eerste lid, van de Wet toezicht kredietwezen 1992 (Wtk 1992). Deze bepaling verbiedt het bedrijfsmatig aantrekken van opvorderbare gelden van het publiek zonder vergunning. De coöperatie was opgericht om via contractsoverneming kredieten over te nemen van BFD Investment, dat eerder door de rechtbank Zwolle-Lelystad was verklaard in een toestand die bijzondere voorzieningen behoefde.
De rechtbank oordeelt dat Cocondo U.A. inderdaad buiten een besloten kring opvorderbare gelden heeft aangetrokken en daarmee artikel 82 Wtk Pro 1992 heeft overtreden. De coöperatie werd opgericht met het doel de noodregeling van BFD Investment te omzeilen. De stellingen van eiseres dat sprake zou zijn van een besloten kring en dat het gelijkheidsbeginsel werd geschonden, worden verworpen. De activiteiten van Cocondo U.A. zijn financieel van aard en de leden zijn geen professionele marktpartijen.
De rechtbank bevestigt dat de last onder dwangsom rechtmatig is en dat de wijziging van de last binnen de heroverweging van artikel 7:11 Awb Pro valt. De gevorderde verlenging van de termijn voor terugbetaling wordt niet toegewezen omdat de coöperatie reeds in verzuim is. Het beroep wordt ongegrond verklaard en er wordt geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: Het beroep van Coöperatie Cocondo U.A. tegen de last onder dwangsom wegens overtreding van artikel 82 Wtk 1992 wordt ongegrond verklaard.