ECLI:NL:RBROT:2014:8469
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Ontslag wegens ernstig plichtsverzuim door niet nakomen re-integratieverplichtingen
Eiseres, sinds 1995 ambtenaar bij een penitentiaire inrichting, meldde zich ziek in juli 2013 en werd door de bedrijfsarts per 22 juli 2013 als volledig arbeidsgeschikt voor eigen werk beschouwd. Ondanks dienstopdrachten om het werk te hervatten, verscheen zij niet op het werk en wachtte zij het deskundigenoordeel van het UWV af, dat haar gedeeltelijk arbeidsongeschikt achtte.
Verweerder stopte de bezoldiging per 31 juli 2013 wegens het niet opvolgen van werkopdrachten en verleende op 1 oktober 2013 ontslag wegens ernstig plichtsverzuim. Eiseres voerde aan dat zij het deskundigenoordeel mocht afwachten en dat haar psychische problemen het niet nakomen van de verplichtingen verklaren.
De rechtbank oordeelt dat het eigenmachtig niet voldoen aan opdrachten na arbeidsgeschiktheidsverklaring als ernstig plichtsverzuim geldt. Eiseres mocht het deskundigenoordeel niet afwachten, de dienstopdrachten waren duidelijk en proportioneel. Haar psychische klachten waren onvoldoende onderbouwd als reden voor niet-meewerken.
De rechtbank bevestigt dat de stopzetting van de bezoldiging een proportioneel en passend middel was voorafgaand aan ontslag. De beroepen tegen de besluiten tot stopzetting van bezoldiging en ontslag worden ongegrond verklaard.
Uitkomst: De beroepen tegen het ontslag en de stopzetting van bezoldiging wegens plichtsverzuim worden ongegrond verklaard.