Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.Het verloop van de procedure
mevrouw [naam 2] ( [naam functie 2] ) verschenen, bijgestaan door de gemachtigden.
Rechtbank Rotterdam
De werknemer vordert in kort geding betaling van loon vanaf juni 2018 omdat zij stelt dat haar arbeidsovereenkomst niet is beëindigd. De werkgever betwist dit en stelt dat de werknemer haar arbeidsovereenkomst heeft opgezegd per 1 juni 2018.
De kantonrechter overweegt dat vanwege het geschil over het voortbestaan van de arbeidsovereenkomst nader onderzoek nodig is, wat niet in kort geding kan plaatsvinden. De aangevoerde feiten en omstandigheden maken het onzeker of de arbeidsovereenkomst nog loopt.
Daarom is onvoldoende grond om de loonvordering toe te wijzen en wordt deze afgewezen. De werknemer wordt veroordeeld in de proceskosten. Dit vonnis is gewezen door kantonrechter Bezuijen en uitgesproken ter openbare terechtzitting.
Uitkomst: De loonvordering wordt afgewezen omdat niet vaststaat dat de arbeidsovereenkomst nog bestaat.