Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
Antes Zorg B.V.,
1.De procedure
2.De feiten
GZ Agogisch Werker MBO IIwaarvan de voornaamste werkzaamheden zijn beschreven in de gelijknamige functiebeschrijving.
Rechtbank Rotterdam
Een werknemer had een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd van 1 september 2018 tot 1 mei 2019 bij Antes Zorg B.V. De werknemer was zwanger en stelde dat de arbeidsovereenkomst niet werd verlengd vanwege haar zwangerschap. Zij vorderde een billijke vergoeding en loonbetaling.
De kantonrechter oordeelde dat de arbeidsovereenkomst van rechtswege eindigde en dat er geen sprake was van een opzegging in strijd met de wet. De werknemer kon geen bewijs leveren dat de niet-verlenging verband hield met haar zwangerschap. De klachtencommissie constateerde tekortkomingen in de begeleiding van de zwangere werknemer, maar stelde niet dat de arbeidsovereenkomst niet verlengd werd vanwege de zwangerschap.
De werkgever voerde aan dat de niet-verlenging te maken had met onvoldoende functioneren en het niet halen van contracturen. De kantonrechter vond dat de werkgever vrij was om te beoordelen of de werknemer geschikt was en dat er geen aanwijzingen waren voor discriminatie. De vorderingen werden afgewezen en de werknemer werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vorderingen van de werknemer tot billijke vergoeding en schadevergoeding wegens niet-verlenging van de arbeidsovereenkomst tijdens zwangerschap worden afgewezen.