Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
12 november 2020
1..Onderzoek op de terechtzitting
2..Tenlastelegging
3..Eis officier van justitie
- bewezenverklaring van het ten laste gelegde;
- veroordeling van de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 10 (tien) jaren, met aftrek van voorarrest.
4..Waardering van het bewijs
5..Strafbaarheid feit
6..Strafbaarheid verdachte
7..Motivering straf
Betrokkene is opgegroeid in een situatie waarin sprake is geweest van affectieve en pedagogische verwaarlozing. Hij is eerder behandeld geweest voor agressie-regulatieproblemen die zich voornamelijk lijken te hebben afgespeeld in de relatie met het slachtoffer. Qua persoonlijkheid lijkt betrokkene niet goed in staat te zijn om om te gaan met emotionele druk, vooral in een partnerrelatie. Er is sprake van affectlabiliteit (een sterke schommeling in de uiting van gevoelens), wat kan worden geclassificeerd als een borderline persoonlijkheidskenmerk. Dit was ook zo ten tijde van het ten laste gelegde feit. Het voorgaande kan echter niet als een persoonlijkheidsstoornis worden getypeerd. Ook zijn er onvoldoende aanwijzingen om andere persoonlijkheidsproblematiek of psychiatrische stoornissen aan te nemen. Door de ontkenning van de verdachte is het niet goed mogelijk geweest om zicht te krijgen op eventuele doorwerking van de affectlabiliteit van betrokkene in het ten laste gelegde. Daardoor kan ook geen onderbouwd advies worden gegeven over een eventuele vermindering van de toerekening en is in het rapport afgezien van het geven van interventieadviezen.
hogerin de voornoemde bandbreedte uit te komen. Daarmee wijkt de rechtbank in het nadeel van de verdachte af van de eis van de officier van justitie. Alles afwegend is de rechtbank van oordeel dat gelet op de ernst van het feit aan de verdachte een gevangenisstraf voor de duur van 12 jaar moet worden opgelegd.
8..Vorderingen benadeelde partij
- [naam benadeelde 1] (78 maanden x € 25,-) € 1.950,-
- [naam benadeelde 2] (141 maanden x € 25,-) € 3.525,-
- [naam benadeelde 3] (119 maanden x € 25,-) € 2.975,-
- [naam benadeelde 4] (176 maanden x € 25,-) € 4.400,-
9..Toepasselijke wettelijke voorschriften
10..Bijlagen
11..Beslissing
gevangenisstraf voor de duur van 12 (twaalf) jaren;
de maatregel tot schadevergoedingop, inhoudende de verplichting aan de staat ten behoeve van de benadeelde partijen de navolgende bedragen, steeds vermeerderd met de wettelijke rente over die bedragen vanaf 27 december 2019 tot aan de dag der algehele voldoening, te betalen: