Uitspraak
[Naam], te [Plaats], verzoeker,
.
Rechtbank Rotterdam
Verzoeker heeft op 8 juni 2022 een uitspraak ontvangen waarin zijn beroep tegen de afwijzing van een aanvraag om bijzondere bijstand niet-ontvankelijk werd verklaard wegens termijnoverschrijding, en het verzoek om een voorlopige voorziening werd afgewezen.
Op 29 augustus 2022 diende verzoeker een verzoek om herziening in, dat op 22 november 2022 niet-ontvankelijk werd verklaard. Vervolgens diende verzoeker op 23 maart 2023 opnieuw een herzieningsverzoek in, dat door de voorzieningenrechter als een nieuw verzoek werd aangemerkt.
De voorzieningenrechter stelt vast dat griffierecht ten onrechte niet is geheven en ziet geen aanleiding om verzoeker alsnog in de gelegenheid te stellen dit te voldoen. Bovendien oordeelt de voorzieningenrechter dat verzoeker misbruik van recht maakt, zoals reeds in de eerdere uitspraak van 22 november 2022 is vastgesteld. Daarom wordt het verzoek om herziening niet-ontvankelijk verklaard.
Tenslotte is er geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan zonder zitting op 20 december 2023 door de voorzieningenrechter E.B.J. van Elden.
Uitkomst: Het verzoek om herziening wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens misbruik van recht en het niet voldoen van griffierecht.