Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.De procedure
- de dagvaarding van 14 augustus 2023, met bijlagen 1 tot en met 12;
- de brief van [eiseres01] , met bijlagen 13 en 14.
Rechtbank Rotterdam
In deze kortgedingprocedure vordert eiseres betaling van achterstallig loon, vakantiegeld en loon vanaf juli 2023, alsmede wettelijke verhogingen, rente en buitengerechtelijke kosten van haar werkgever Hofstede Interfleur Groep. De werkgever is niet verschenen, waarna verstek is verleend.
De kantonrechter oordeelt dat er sprake is van spoedeisend belang en dat de vorderingen niet onrechtmatig of ongegrond zijn. De werkgever wordt veroordeeld tot betaling van € 9.632,82 bruto aan achterstallig loon over april tot en met juni 2023, € 2.636,40 bruto vakantiegeld over augustus 2022 tot mei 2023, en € 3.210,94 bruto per maand aan loon vanaf juli 2023 tot het einde van het dienstverband.
Daarnaast moet de werkgever wettelijke verhogingen en rente betalen over deze bedragen vanaf de verzuimdata tot volledige betaling, alsmede € 897,69 aan buitengerechtelijke kosten. Tevens wordt de werkgever veroordeeld binnen vijf dagen na betekening bruto/netto salarisspecificaties te verstrekken, onder dreiging van een dwangsom. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad en de werkgever moet de proceskosten van € 1.355,13 betalen met wettelijke rente.
Uitkomst: Werkgever wordt veroordeeld tot betaling van achterstallig loon, vakantiegeld, loon vanaf juli 2023, wettelijke verhogingen, rente, buitengerechtelijke kosten en proceskosten.