ECLI:NL:RBROT:2023:8758
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bijstandsuitkering en terugvordering voorschot wegens vermogen en inkomsten boven norm
Eiser vroeg op 27 augustus 2022 een bijstandsuitkering aan, waarop verweerder een voorschot toekende. De aanvraag werd afgewezen omdat eiser niet alle benodigde informatie verstrekte en omdat hij beschikte over een vermogen en inkomsten boven de bijstandsnorm. Het vermogen bestond uit een saldo van circa €7.708 op een Turkse bankrekening en een auto met een dagwaarde van €3.000. De inkomsten betroffen betalingen van een voormalig werkgever en bijschrijvingen van derden.
Eiser stelde dat de ontvangen bedragen leningen waren en dat hij schulden had, maar kon dit niet met objectief bewijs onderbouwen. De rechtbank oordeelde dat het saldo op de Turkse rekening en de bijschrijvingen als vermogen en inkomen moesten worden beschouwd, waardoor eiser niet in aanmerking kwam voor bijstand. Daarnaast werd een maatregel van 100% gedurende één maand opgelegd omdat eiser door eigen toedoen zijn baan had verloren, wat hij onvoldoende aannemelijk betwistte.
De rechtbank verklaarde de beroepen ongegrond, handhaafde de afwijzing van de aanvraag en de terugvordering van het voorschot, en bevestigde de opgelegde maatregel. Eiser kreeg geen terugbetaling van griffierecht of proceskostenvergoeding. De uitspraak werd gedaan op 21 september 2023 door rechter M. Zoethout.
Uitkomst: De rechtbank wijst de bijstandsaanvraag af, bevestigt de terugvordering van het voorschot en handhaaft de maatregel wegens ontslag door eigen toedoen.