ECLI:NL:RBROT:2024:5547

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
14 juni 2024
Publicatiedatum
17 juni 2024
Zaaknummer
11142882
Instantie
Rechtbank Rotterdam
Type
Uitspraak
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 7:641 BWArt. 17 WmlArt. 3:296 BWArt. 261 lid 2 RvArt. 125 Rv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verzoeker moet procedure voor loonvordering voortzetten via dagvaardingsprocedure

De kantonrechter van de Rechtbank Rotterdam heeft op 14 juni 2024 een beschikking gegeven in een zaak waarin verzoeker een loonvordering had ingediend tegen zijn voormalige werkgever, Oostwings B.V. Verzoeker stelde dat hij recht had op uitbetaling van niet opgenomen vakantiedagen en opgebouwd vakantiegeld. De kantonrechter oordeelde dat een dergelijke vordering niet via een verzoekschrift kan worden ingediend, maar dat de juiste procedure een dagvaardingsprocedure is.

De kantonrechter gaf verzoeker de mogelijkheid om Oostwings alsnog met een dagvaarding te laten oproepen en de procedure dienovereenkomstig voort te zetten. Tevens werd de zaak verwezen naar een rolzitting op 16 juli 2024, waar verzoeker moet aantonen dat hij Oostwings heeft opgeroepen. Indien verzoeker geen dagvaarding indient, zal hij niet-ontvankelijk worden verklaard en zal de zaak niet inhoudelijk worden behandeld.

De beschikking benadrukt het belang van het juiste processtuk bij loonvorderingen en adviseert verzoeker juridisch advies in te winnen om zijn stellingen aan te passen aan de dagvaardingsprocedure. De procedure wordt aangehouden totdat verzoeker de dagvaardingsprocedure correct heeft opgestart.

Uitkomst: Verzoeker moet loonvordering voortzetten via dagvaardingsprocedure; bij uitblijven wordt hij niet-ontvankelijk verklaard.

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM

locatie Rotterdam
zaaknummer: 11142882 VZ VERZ 24-5537
datum uitspraak: 14 juni 2024
Beschikking van de kantonrechter
in de zaak van
[verzoeker],
wonende te Barendrecht,
verzoeker,
die zelf procedeert,
tegen
Oostwings B.V.,
gevestigd te Capelle aan den IJssel,
verweerster,
die niet is verschenen in deze procedure.
Partijen worden hierna ‘ [verzoeker] ’ en ‘Oostwings’ genoemd.

1.De procedure

1.1.
Op 4 juni 2024 heeft de rechtbank een verzoekschrift, met bijlagen, van [verzoeker] ontvangen.

2.De beoordeling

2.1.
De kantonrechter begrijpt uit het verzoekschrift dat [verzoeker] op basis van een arbeidsovereenkomst heeft gewerkt voor Oostwings. [verzoeker] stelt dat Oostwings hem nog salaris moet betalen. De kantonrechter maakt uit het verzoekschrift op dat het gaat om uitbetaling van niet opgenomen vakantiedagen (artikel 7:641 BW Pro) en om opgebouwd vakantiegeld (artikel 17 Wml Pro).
2.2.
[verzoeker] kan deze procedure niet starten met een verzoekschrift. [verzoeker] wil namelijk dat Oostwings wordt veroordeeld om verplichtingen uit de arbeidsovereenkomst na te komen (artikel 3:296 BW Pro). Zo’n procedure moet worden gestart door een dagvaarding, omdat niet uit de wet blijkt dat dit met een verzoekschrift kan (artikel 261 lid 2 Rv Pro en artikel 125 Rv Pro). [verzoeker] heeft dus een verkeerd processtuk gebruikt.
2.3.
De kantonrechter geeft [verzoeker] de gelegenheid om Oostwings alsnog met een dagvaarding door de deurwaarder te laten oproepen (artikel 45 Rv Pro en artikel 111 Rv Pro). Ook zet de kantonrechter de procedure om naar een dagvaardingsprocedure (artikel 69 Rv Pro). [verzoeker] mag zijn stellingen aanpassen aan de regels die gelden voor die procedure. Daarvoor kan het nuttig zijn om juridisch advies te vragen.
2.4.
Als de kantonrechter op de datum die in de beslissing staat geen dagvaarding van [verzoeker] heeft ontvangen, wordt hij niet ontvankelijk verklaard. Dat betekent dat het verzoek niet inhoudelijk wordt beoordeeld.

3.De beslissing

De kantonrechter:
3.1.
verwijst de zaak naar de rolzitting van
dinsdag 16 juli 2024 om 11.30 uurwaarvoor [verzoeker] Oostwings met een dagvaarding moet laten oproepen;
3.2.
bepaalt dat de procedure wordt voortgezet volgens de regels die gelden voor de dagvaardingsprocedure;
3.3.
houdt iedere verdere beslissing aan.
Deze beschikking is gegeven door mr. W.J.J. Wetzels en in het openbaar uitgesproken.
33394