ECLI:NL:RBROT:2024:9971
Rechtbank Rotterdam
- Proces-verbaal
- Rechtspraak.nl
Herziening bijstandsuitkering en terugvordering rentebetalingen als inkomsten uit vermogen
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam tot herziening van zijn bijstandsuitkering over de periode januari 2020 tot en met december 2022 en de terugvordering van te veel betaalde bijstand van €2.125,43 over januari 2021 tot en met december 2022.
De rechtbank overweegt dat de rentebetalingen die eiser van zijn moeder ontvangt, als inkomsten uit vermogen moeten worden beschouwd volgens artikel 32, eerste lid, van de Participatiewet. Dat eiser deze bedragen direct terugbetaalt aan zijn moeder verandert hier niets aan, omdat hij vrij kan beschikken over deze inkomsten en de keuze tot terugbetaling een vrijwillige handeling is.
Verder is de verrekening van de terugvordering met de bijstandsuitkering toegestaan op grond van artikel 58, vierde lid, van de Participatiewet. De rechtbank wijst het beroep af en bevestigt dat de herziening en terugvordering terecht zijn gedaan. Het beroep op het vertrouwensbeginsel slaagt niet, omdat de schikking van 18 oktober 2022 geen garantie gaf tegen verdere besluiten tot herziening of terugvordering.
De rechtbank wijst het beroep ongegrond en veroordeelt eiser niet tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: Het beroep van eiser is ongegrond verklaard en de herziening en terugvordering van de bijstandsuitkering zijn bevestigd.