ECLI:NL:RBROT:2025:10843
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Weigering verlening schone lei wegens tekortkomingen in schuldsaneringsregeling
Schuldenaar was sinds 5 augustus 2021 onderworpen aan een wettelijke schuldsaneringsregeling. De bewindvoerder bracht op 29 april 2025 verslag uit over de beëindiging van deze regeling en adviseerde negatief over de verlening van de schone lei vanwege tekortkomingen. Deze betroffen het niet tijdig aanleveren van inkomensgegevens, het ontstaan van nieuwe schulden bij meerdere schuldeisers in 2023 en 2025, en een aanzienlijke boedelachterstand van € 8.682,95.
Ter zitting verklaarde schuldenaar dat hij bezig was met het aflossen van nieuwe schulden en dat hij een budgetbeheerder had. De advocaat voerde aan dat schuldenaar onvermogen kende en dat beschermingsbewind eerder had moeten worden overwogen. Tevens verzocht hij primair om verlening van de schone lei en subsidiair om verlenging van de regeling met matiging van de boedelachterstand.
De rechtbank oordeelde dat schuldenaar toerekenbaar tekort was geschoten in zijn verplichtingen, gelet op de boedelachterstand en het ontstaan van nieuwe schulden. Ondanks waarschuwingen en de aanwezigheid van een budgetbeheerder heeft schuldenaar onvoldoende actie ondernomen om de tekortkomingen te herstellen. De rechtbank zag geen reden om de schone lei te verlenen of de regeling te verlengen. Het salaris van de bewindvoerder werd vastgesteld op maximaal € 4.486,00.
Uitkomst: De rechtbank weigert de verlening van de schone lei en wijst verlenging van de schuldsaneringsregeling af wegens tekortkomingen van schuldenaar.