ECLI:NL:RBROT:2025:11207
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bestuurlijke boete en kosten ontmanteling hennepkwekerij in woning bevestigd met matiging boete wegens termijnoverschrijding
De rechtbank Rotterdam behandelt het beroep van eiser tegen het opleggen van een bestuurlijke boete van €8.000 en de kosten van €1.386,90 voor de ontmanteling van een hennepkwekerij in zijn woning. De hennepkwekerij werd op 30 september 2022 aangetroffen en ontmanteld vanwege brand- en elektrocutiegevaar. Het college legde de boete en kosten bij besluiten van november en december 2022 op, die later werden gehandhaafd.
Eiser betwist de kosten en de boete, onder meer vanwege vermeende schaarste in de woningvoorraad, zijn vermeende onschuld als overtreder en onvoldoende onderbouwing van de boetehoogte. De rechtbank oordeelt dat het college terecht bestuursdwang toepaste en de kosten mocht verhalen, gezien de spoedeisendheid en gevaarzetting. Ook is de schaarste in de woningvoorraad voldoende onderbouwd met een rapport van RIGO, waardoor het college bevoegd was een boete op te leggen.
De rechtbank stelt vast dat eiser als huurder verantwoordelijk is en als overtreder kan worden aangemerkt. De hoogte van de boete is conform de Huisvestingsverordening vastgesteld en voldoende gemotiveerd. Wel is de redelijke termijn van circa tien maanden overschreden, waardoor de boete ambtshalve met 10% wordt gematigd tot €7.200. Het beroep is gegrond voor de matiging van de boete, maar ongegrond voor de overige punten. Proceskosten worden niet toegewezen.
Uitkomst: De bestuurlijke boete en kosten ontmanteling worden bevestigd, maar de boete wordt gematigd tot €7.200 wegens overschrijding van de redelijke termijn.