Eiseres heeft een verzoek ingediend bij de Dienst Toeslagen voor aanvullende compensatie van werkelijk geleden schade en beroep ingesteld wegens het uitblijven van een besluit. De rechtbank constateert dat de beslistermijn is overschreden en dat verweerder ondanks ingebrekestelling niet heeft beslist.
De rechtbank stelt op grond van artikel 8:55d Awb een dwangsom vast van € 100 per dag met een maximum van € 15.000 en bepaalt dat verweerder binnen zeven weken na verzending van het vonnis een besluit moet nemen. Tevens wordt verweerder veroordeeld tot vergoeding van het betaalde griffierecht en proceskosten.
De rechtbank acht de zaak van licht gewicht en ziet geen aanleiding voor een zitting. De uitspraak is in het openbaar gedaan op 22 april 2025 door rechter L.A.C. van Nifterick.