ECLI:NL:RBROT:2025:6772
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen omgevingsvergunning voor serre ondanks afwijking beheersverordening
In deze bestuursrechtelijke zaak staat het beroep van eiser tegen de van rechtswege verleende omgevingsvergunning voor het plaatsen van een serre aan de achterzijde van een woning centraal. De vergunning is verleend ondanks dat het bouwplan niet voldoet aan de Beheersverordening van de gemeente. Het college heeft zich gebaseerd op een positief welstandsadvies en stedenbouwkundig akkoord, en heeft de afwijking gemotiveerd vanuit het oogpunt van goede ruimtelijke ordening.
Eiser betoogde dat het welstandsadvies onzorgvuldig was, dat de afwijking van de Beheersverordening onrechtmatig was, en dat er sprake was van een evidente privaatrechtelijke belemmering vanwege de bouw op een mandelige heipaal zonder toestemming. De rechtbank oordeelt dat het college het welstandsadvies terecht heeft overgenomen, dat de afwijking in redelijkheid is gemotiveerd en in overeenstemming is met een goede ruimtelijke ordening, en dat er geen sprake is van een evidente privaatrechtelijke belemmering omdat de juridische status van de heipaal onduidelijk is.
Verder is de stelling van eiser dat de serre de natuurlijke ventilatie van zijn schutting belemmert onvoldoende om het besluit te schorsen. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en wijst het verzoek om terugbetaling van griffierecht en proceskosten af. De uitspraak is gedaan door rechter Smits op 6 juni 2025.
Uitkomst: Het beroep tegen de omgevingsvergunning voor de serre wordt ongegrond verklaard.