Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.De procedure
- het verzoekschrift (ontvangen op 31 oktober 2024), met bijlagen;
- het verweerschrift, met bijlagen;
- de nadere bijlage 18 tot en met 22 van [verzoeker];
- de spreekaantekeningen van [verzoeker].
Rechtbank Rotterdam
Werknemer werkte sinds april 2021 bij Fooditive B.V. in verschillende functies op basis van arbeidsovereenkomsten en stages. Na drie opeenvolgende arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd, waarbij geen onderbreking van zes maanden of meer was, heeft werknemer ook na het einde van de derde overeenkomst werkzaamheden verricht. Hierdoor is de arbeidsovereenkomst geacht voortgezet te zijn als een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd.
Fooditive betwistte het voortbestaan van de arbeidsovereenkomst na 16 juli 2024, maar de kantonrechter oordeelde dat werknemer geen ontslag had genomen en dat het dienstverband niet was geëindigd door een vaststellingsovereenkomst. De werkgever had het bedrijfsaccount afgesloten en werknemer niet meer opgeroepen, maar dit leidde niet tot beëindiging van het contract.
De kantonrechter veroordeelde Fooditive tot betaling van loon over de periode van 11 juli 2024 tot 17 december 2024, inclusief wettelijke rente en wettelijke verhoging wegens te late betaling. Daarnaast werd een onkostenvergoeding van €709,67 toegewezen met rente vanaf 1 december 2024, en een vergoeding van €462,50 voor buitengerechtelijke incassokosten. Ook werden de proceskosten van €1.036,00 aan de zijde van werknemer toegewezen. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Arbeidsovereenkomst geacht voortgezet, werkgever veroordeeld tot betaling loon, onkostenvergoeding, rente, incassokosten en proceskosten.