ECLI:NL:RBROT:2026:175
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen weigering overname private schuld wegens ontbreken authentieke buitenlandse akte
Eiser verzocht de minister om overname van een private schuld van €98.000,- op grond van de Wet hersteloperatie toeslagen (Wht). De minister wees dit af omdat het ingediende document niet voldeed aan de eis van een authentieke notariële akte, zoals vereist voor informele schulden.
De rechtbank oordeelde dat de minister de informele schuld niet hoefde over te nemen omdat niet was komen vast te staan dat sprake was van een authentieke buitenlandse akte. Wel was sprake van een motiveringsgebrek omdat de minister eiser niet in de gelegenheid had gesteld het document te legaliseren, wat de rechtbank als een schending van de hoorplicht kwalificeerde. Dit gebrek werd echter gepasseerd omdat eiser geen nadeel had geleden.
Eiser kon vanwege de oorlog in Rusland het document niet legaliseren en kon ook geen deskundigenverklaring overleggen. De rechtbank concludeerde dat het document onvoldoende bewijs vormde voor het bestaan van een authentieke akte en dat de minister terecht de schuld niet overnam. Verzoeken tot toepassing van de hardheidsclausule en het oproepen van de schuldeiser als getuige werden afgewezen.
De rechtbank vernietigde het bestreden besluit wegens het motiveringsgebrek, maar liet de rechtsgevolgen in stand. De minister werd veroordeeld tot vergoeding van het griffierecht en de proceskosten van eiser.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard wegens motiveringsgebrek, maar de rechtsgevolgen van het besluit blijven in stand en de minister wordt veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten.