ECLI:NL:RBROT:2026:275
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verstekvonnis in loonvordering tussen eiseres en JR Cleaning Facility
In deze zaak, behandeld door de regelrechter van de Rechtbank Rotterdam, heeft eiseres een loonvordering ingediend tegen JR Cleaning Facility. Eiseres heeft op 19 maart en 3 april 2024 werkzaamheden verricht voor JR Cleaning Facility, waarna de arbeidsovereenkomst is beëindigd. Eiseres stelt dat er nog een bedrag van € 88,68 aan loon openstaat, dat zij met wettelijke rente en verhoging eist. Tijdens de zitting op 9 december 2025 was eiseres aanwezig, maar JR Cleaning Facility is niet verschenen, waardoor verstek is verleend.
De rechter heeft de eis van eiseres toegewezen, omdat deze niet onrechtmatig of ongegrond leek. JR Cleaning Facility is veroordeeld tot betaling van het openstaande loon, vermeerderd met wettelijke rente en verhoging, en moet ook de proceskosten van € 90,00 aan eiseres vergoeden. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard, wat betekent dat eiseres het vonnis direct kan laten uitvoeren, ook als JR Cleaning Facility in hoger beroep gaat. Dit vonnis is uitgesproken door rechter mr. B.J.R. van Tongeren op 16 januari 2026.