ECLI:NL:RBSGR:2008:BG8390
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging intrekking verblijfsvergunning wegens onvoldoende strafmaatvergelijking
Eiser, een Marokkaanse vreemdeling met een verblijfsvergunning voor onbepaalde tijd, kreeg deze vergunning ingetrokken en werd ongewenst verklaard vanwege een in Duitsland opgelegde gevangenisstraf van negen jaar en zes maanden voor drugshandel. Verweerder baseerde dit besluit op een strafmaatvergelijking waarbij uitsluitend werd aangesloten bij de strafeis van de officier van justitie in Nederland.
De rechtbank oordeelt dat deze werkwijze onvoldoende is omdat het advies van de officier van justitie niet is gebaseerd op een vergelijking met recente jurisprudentie of oriëntatiepunten van straftoemeting. De rechtbank benadrukt dat een zorgvuldige en op objectieve gegevens gebaseerde inschatting van de Nederlandse strafmaat vereist is, en dat de enkele eis van de officier van justitie niet volstaat.
Verder werd het beroep gegrond verklaard omdat het bestreden besluit niet voldoet aan het motiveringsvereiste van artikel 7:12 Awb Pro. De rechtbank veroordeelt verweerder tot vergoeding van de proceskosten en gelast een nieuw besluit binnen vier weken, waarbij het juiste wettelijke kader moet worden toegepast.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd wegens onvoldoende zorgvuldige strafmaatvergelijking.