ECLI:NL:RBSGR:2009:BH6206
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verstrekkingen aan minderjarige vreemdeling zonder rechtmatig verblijf op grond van de Regeling verstrekkingen bepaalde categorieën vreemdelingen
Eiseres, een minderjarige vreemdeling uit Suriname zonder rechtmatig verblijf in Nederland, verzocht om verstrekkingen op grond van de Regeling verstrekkingen bepaalde categorieën vreemdelingen (Rvb). Haar aanvraag werd door het COA afgewezen omdat zij niet voldeed aan de vereiste van rechtmatig verblijf zoals bepaald in de Rvb en de Vreemdelingenwet 2000.
Eiseres voerde aan dat er op grond van internationale verdragen zoals het IVRK, EVRM en het Europees Sociaal Handvest een zorgplicht rust op de Nederlandse Staat, die het COA zou moeten naleven, ook voor vreemdelingen zonder rechtmatig verblijf. Verweerder stelde dat het COA gebonden is aan de Rvb en geen ruimte heeft om de kring van rechthebbenden uit te breiden of af te wijken van de regeling.
De rechtbank volgde het standpunt van verweerder en verwees naar eerdere uitspraken van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State waarin werd bevestigd dat het COA geen algemene zorgtaken heeft buiten de Rvb en dat de regeling geen uitzonderingen toestaat voor vreemdelingen zonder rechtmatig verblijf. Ook het beroep op internationale verdragen kon niet leiden tot een andere beoordeling. Het beroep van eiseres werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de beëindiging van verstrekkingen aan eiseres zonder rechtmatig verblijf wordt ongegrond verklaard.