ECLI:NL:RBSGR:2009:BJ3555
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- H.F.M. Hofhuis
- E.M. Valk
- F. Waardenburg
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering kokkelvissers tegen Staat wegens onvoldoende aannemelijkheid passende beoordeling Habitatrichtlijn
De coöperatieve producentenorganisatie van kokkelvissers (PO) vordert dat de Staat wordt veroordeeld tot schadevergoeding wegens onrechtmatig handelen door het verlenen van een vergunning zonder passende beoordeling in het kader van de Habitatrichtlijn. De vergunning betrof mechanische kokkelvisserij in de Waddenzee in 2004.
De rechtbank stelt vast dat het primaire besluit van 20 juli 2004 onrechtmatig is omdat geen passende beoordeling is uitgevoerd zoals vereist door artikel 6 lid 3 van Pro de Habitatrichtlijn. Dit is bevestigd door eerdere uitspraken van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Desondanks heeft de PO onvoldoende gesteld om aan te tonen dat de vergunning ook zou zijn verleend indien wel een passende beoordeling was gemaakt.
De rechtbank oordeelt dat de schade die de leden van de PO stellen te hebben geleden niet het directe gevolg is van het primaire besluit, maar van de opschorting van de vergunning door bezwaarprocedures. De vordering tot schadevergoeding wordt daarom afgewezen. De PO wordt veroordeeld in de proceskosten van de Staat.
Uitkomst: De vordering tot schadevergoeding wordt afgewezen wegens onvoldoende aannemelijkheid dat de vergunning bij passende beoordeling zou zijn verleend.