ECLI:NL:RBUTR:2005:AU8525
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- D.A.J. Overdijk
- J.F. Bandringa
- Y. Sneevliet
- Rechtspraak.nl
Beoordeling intrekking WAO-uitkering na herziening arbeidsongeschiktheid
Eiseres, arbeidsongeschikt verklaard na een ongeval in 1996, kreeg haar WAO-uitkering herzien per 29 oktober 2003 tot een arbeidsongeschiktheidsklasse van 15 tot 25%. Verweerder trok de uitkering later per 5 mei 2005 in, wat eiseres betwistte en waartegen zij bezwaar maakte. De rechtbank moest beoordelen of zij bevoegd was kennis te nemen van het geschil gezien het tijdsverloop tussen het primaire besluit en de intrekking.
De rechtbank concludeerde dat de intrekking binnen de grondslag en reikwijdte van het primaire besluit viel en dat verweerder niet verplicht was een nieuw besluit te nemen. Medische rapportages van verzekeringsartsen en experts wezen uit dat eiseres geen objectief vast te stellen beperkingen had die arbeidsongeschiktheid rechtvaardigden. Eiseres' verweer dat de neurologische expertise ondeugdelijk was, werd niet onderbouwd.
De rechtbank oordeelde dat de intrekking niet in strijd was met het verbod van reformatio in peius en dat verweerder verplicht was de uitkering in te trekken bij het einde van de arbeidsongeschiktheid. Het beroep werd ongegrond verklaard zonder toekenning van proceskosten.
Uitkomst: Het beroep tegen de intrekking van de WAO-uitkering wordt ongegrond verklaard.