ECLI:NL:RBUTR:2009:BJ3189
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- K.J. Veenstra
- G.C. van Gelein Vitringa-Boudewijnse
- M.P. Glerum
- Rechtspraak.nl
Vernietiging boete wegens onterecht opgelegde tewerkstellingsvergunning voor grensoverschrijdende dienstverlening Hongaarse werknemers
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen een boete van €48.000 wegens het laten werken van zes Hongaarse werknemers zonder tewerkstellingsvergunning. De Arbeidsinspectie stelde dat het ging om terbeschikkingstelling van arbeidskrachten, waarvoor een vergunning vereist is. De rechtbank oordeelt dat dit onterecht is en dat de situatie moet worden gekwalificeerd als grensoverschrijdende dienstverlening, waarvoor de notificatieregeling geldt.
De rechtbank overweegt dat de eis dat werknemers hun hoofdactiviteit in het land van herkomst moeten uitoefenen ook voor startende ondernemingen moet gelden en dat de bouwsector gekenmerkt wordt door tijdelijke overeenkomsten. De boete is daarom onterecht opgelegd. Daarnaast is de notificatieregeling zelf in strijd met het EG-verdrag omdat zij een disproportionele beperking vormt van het vrije verkeer van diensten.
De rechtbank vernietigt het bestreden besluit en herroept het primaire boetebesluit. Tevens veroordeelt zij de Staat tot vergoeding van proceskosten en griffierecht. De uitspraak is bindend en kan in hoger beroep worden aangevochten bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: De boete wegens het ontbreken van tewerkstellingsvergunningen wordt vernietigd en het besluit herroepen omdat sprake is van grensoverschrijdende dienstverlening.