ECLI:NL:RBUTR:2010:BN2266
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bestuurlijke boete wegens overtreding Wet arbeid vreemdelingen bevestigd met matiging boete
Eiseres, Stichting Lauw-Recht, kreeg een bestuurlijke boete van €24.000 opgelegd wegens het laten verrichten van arbeid door drie vreemdelingen zonder tewerkstellingsvergunning, in strijd met artikel 2, eerste lid, van de Wet arbeid vreemdelingen (Wav). Eiseres voerde aan dat geen sprake was van werkgeverschap omdat de werkzaamheden vrijwillig waren en dat zij geen verwijt treft omdat zij dacht dat de Wav niet op haar van toepassing was.
De rechtbank oordeelde dat eiseres wel degelijk als werkgever moet worden aangemerkt omdat zij feitelijk toezicht hield en de vreemdelingen arbeid liet verrichten in het eethuis. De Wav maakt geen onderscheid tussen betaalde en onbetaalde arbeid. De stelling dat de gemeente Utrecht, de politiek en de Dienst Terugkeer & Vertrek op de hoogte waren en dat er subsidie werd verleend, gaf geen rechtvaardigd vertrouwen dat geen boete zou volgen.
Verder werd geoordeeld dat de boete niet disproportioneel was en dat cumulatie van boetes per vreemdeling wettelijk is toegestaan. Wel werd vastgesteld dat de redelijke termijn voor de boeteoplegging met ruim vijf maanden was overschreden, waardoor de boete met 5% werd gematigd tot €22.800. De rechtbank veroordeelde verweerder tevens in de proceskosten van eiseres.
Uitkomst: De boete wordt gematigd van €24.000 naar €22.800 wegens overschrijding van de redelijke termijn.