ECLI:NL:RBUTR:2012:BY1362
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling indicatie additionele zorg naast Zorgzwaartepakket na wetswijziging AWBZ
De rechtbank Utrecht behandelde een geschil over de vraag of verweerder na 1 januari 2012 additionele uren zorg naast een geïndiceerd Zorgzwaartepakket mag indiceren. Eiser stelde dat hiervoor een formele wetswijziging vereist is, terwijl verweerder zich beroept op gewijzigde materiële regelgeving die dit uitsluit.
De rechtbank stelde vast dat de wetgever met ingang van 1 januari 2012 expliciet heeft beoogd meerzorg dan het Zorgzwaartepakket uit te zonderen als aanspraak onder de AWBZ. Dit blijkt uit het gewijzigde artikel 2 van Pro het Zorgindicatiebesluit en de toelichting van de Staatssecretaris. De bevoegdheid tot het regelen van aanspraken ligt bij de materiële wetgever, de Kroon, die deze wijziging heeft doorgevoerd.
De rechtbank verwierp het verweer van eiser dat het indicatieorgaan additionele zorg kan blijven indiceren ondanks de uitsluiting. Ook het beroep op het verbod van reformatio in peius en het gelijkheidsbeginsel slaagde niet. De rechtbank concludeerde dat verweerder niet bevoegd is additionele uren zorg te indiceren na 1 januari 2012 en verklaarde het beroep tegen het laatste bestreden besluit ongegrond, terwijl het beroep tegen eerdere besluiten niet-ontvankelijk werd verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen het laatste bestreden besluit is ongegrond verklaard en de eerdere beroepen niet-ontvankelijk.