ECLI:NL:CRVB:2013:BZ2557
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging bevoegdheidsbeperking CIZ bij indicatiestelling meerzorg na 1 januari 2012
Appellant, met ernstige motorische en verstandelijke beperkingen, ontving intramurale zorg en had een indicatie voor het zorgzwaartepakket ZGVIS05. Na diverse besluiten en bezwaarprocedures wijzigde het CIZ de indicaties, waarbij vanaf 1 januari 2012 geen additionele zorg meer werd geïndiceerd vanwege gewijzigde regelgeving.
De rechtbank oordeelde dat het CIZ sinds 1 januari 2012 niet bevoegd is meer zorg te indiceren dan het zorgzwaartepakket omvat, gebaseerd op wijzigingen in het Zorgindicatiebesluit en het Besluit zorgaanspraken AWBZ. Het beroep op het gelijkheidsbeginsel, het rechtszekerheidsbeginsel en het vertrouwensbeginsel faalde, evenals het standpunt dat de aanvraag had moeten worden doorgestuurd naar de zorgverzekeraar.
In hoger beroep bevestigt de Centrale Raad van Beroep deze uitspraak. De Raad stelt dat de beperking van de indicatiebevoegdheid binnen de beleidsvrijheid van de wetgever valt, dat de beoordeling van meerzorg onafhankelijk is gewaarborgd en dat appellant door de wijzigingen niet in zijn rechtszekerheid is geschaad. Het beroep wordt verworpen en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat het CIZ sinds 1 januari 2012 niet bevoegd is om meer zorg te indiceren dan het zorgzwaartepakket omvat en wijst het hoger beroep af.