ECLI:NL:RBZWB:2013:CA2461
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vermindering belastingaanslag na onrechtmatig proces-verbaal in strafrechtelijk onderzoek
Belanghebbende was verdachte in een strafrechtelijk onderzoek naar drugshandel, waarbij het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk werd verklaard wegens onvolledige en onbetrouwbare proces-verbalen van twee verbalisanten. De inspecteur baseerde navorderingsaanslagen over 2006-2008 deels op dit strafrechtelijk dossier.
De rechtbank oordeelde dat het gebruik van de processen-verbaal waarbij de betrokken verbalisanten waren betrokken, met uitzondering van die over financiële uitgaven bij derden, ontoelaatbaar was. Andere bewijsstukken uit het strafrechtelijk dossier konden wel worden gebruikt. Het belastbaar inkomen werd op basis van een redelijke schatting vastgesteld op €81.610 voor 2008, lager dan de oorspronkelijke aanslag.
De vergrijpboete werd verminderd van €27.006 naar €24.576 vanwege termijnoverschrijding. De inspecteur werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht. De rechtbank concludeerde dat belanghebbende bewust inkomsten had verzwegen, maar dat de aanslag te hoog was vastgesteld en daarom verminderd moest worden.
Uitkomst: De belastingaanslag en vergrijpboete voor 2008 worden verminderd vanwege ontoelaatbaar gebruik van besmette processen-verbaal, met vergoeding van proceskosten aan belanghebbende.