Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.De procedure
2.Het verzoek
3.De beoordeling
dande verklaring door die persoon of instelling kan worden gegeven.
Een algemene maatregel van bestuur als hier bedoeld is per de datum van heden niet van kracht.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Verzoekster heeft een onderneming gedreven tot augustus 2015 en kampt met een aanzienlijke schuldenlast, waaronder hypothecaire schulden. Na een mislukt minnelijk traject, uitgevoerd door schuldhulpverlener Intova in opdracht van de gemeente, verzoekt zij toelating tot de wettelijke schuldsaneringsregeling.
De rechtbank onderzoekt de bevoegdheid van Intova als schuldbemiddelaar en de geldigheid van de door mr. Bijlsma afgegeven verklaring. Hoewel mr. Bijlsma niet zelf bevoegd is tot het afgeven van de verklaring, wordt deze toegerekend aan Intova, die als bevoegde schuldbemiddelaar wordt aangemerkt.
De rechtbank oordeelt dat Intova voldoet aan de wettelijke criteria, ook al valt schuldbemiddeling aan ondernemers niet onder het verbod van de Wet op het Consumentenkrediet. Het verzoek wordt ontvankelijk verklaard en toegewezen, waarbij een bewindvoerder wordt benoemd en de schuldsaneringsregeling wordt uitgesproken.
Uitkomst: Verzoekster wordt toegelaten tot de wettelijke schuldsaneringsregeling en Intova wordt erkend als bevoegde schuldbemiddelaar.