Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 7 april 2021 in de zaak tussen
[naam eiseres] , wonende te [plaatsnaam] , eiseres,
Procesverloop
Overwegingen
Feiten
Geschil
Beroepsgronden
Wettelijk kader
Beoordeling
Beslissing
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt het bestreden besluit voor zover het ziet op de dwangsom vanwege het niet tijdig beslissen op het bezwaar van eiseres tegen primair besluit 2, bepaalt deze dwangsom op € 207,-, bepaalt dat het college een bedrag van € 92,- aan eiseres dient na te betalen en bepaalt dat deze uitspraak in de plaats treedt van het vernietigde gedeelte van het bestreden besluit;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af;
- draagt het college op het betaalde griffierecht van € 48,- aan eiseres te vergoeden.
mr. A.M. Pasmans, griffier, op 7 april 2021 en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl