Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 3 juni 2021 in de zaak tussen
[eiser], te [plaatsnaam], eiser
Procesverloop
Het college heeft een verweerschrift ingediend.
Feiten en omstandigheden
- Bij aanvang van de bijstand heeft hij niet opgegeven dat op zijn adres het bedrijf [naam B.V. 2] is gevestigd, waarvan hij enig aandeelhouder is;
- Eiser maakt veel kilometers met auto’s die op naam staan van het in Nederland gevestigde bedrijf [naam B.V.]., een bedrijf met dezelfde naamvoering als het bedrijf waar eiser eerder voor in België als zaakvoerder en beherend vennoot stond ingeschreven. Daarvan heeft hij geen melding gemaakt;
- Eiser heeft kennelijk voldoende financiële middelen om geld te kunnen sparen en om (buiten de op de bankafschriften zichtbare geldstroom) in zijn (en die van zijn zoon) dagelijkse voeding te voorzien. Ook hiervan heeft hij geen melding gemaakt.